Intellectuele eigendomsrechten en bedrijfsgeheimen vertegenwoordigen aanzienlijke waarde voor een bedrijf. Toch zijn ze vaak niet goed geregeld. Louise de Gier ziet dat dit grote gevolgen kan hebben.

Elk zichzelf respecterend bedrijf weet dat intellectuele eigendomsrechten op software, zoals auteursrechten, databankrechten en bedrijfsgeheimen belangrijk zijn voor een bedrijf. Immers, de rechthebbende op de IE-rechten of bedrijfsgeheimen kan bepalen wie de software mag gebruiken en onder welke voorwaarden. Daarnaast kan specifiek voor één opdrachtgever ontwikkelde software dat bedrijf een concurrentievoorsprong geven, omdat hierdoor efficiënter gewerkt wordt. Geïnteresseerde kopers van een bedrijf kunnen zelfs afhaken als blijkt dat het veronderstelde eigendom van IE-rechten niet goed geregeld is. Bovendien vertegenwoordigen IE en knowhow een bepaalde waarde die op de balans kan worden geactiveerd. Als blijkt dat het bedrijf niet de (volledige) gerechtigde is op de IE-rechten op de software en ook zijn knowhow niet
goed heeft beschermd, kan dat problemen geven.

WELKE (IE-) RECHTEN ZIJN ER?
Er zijn IE-rechten die ontstaan door registratie, zoals merkrechten en octrooirechten. Daarnaast zijn er IE-rechten die ontstaan door het maken van software of een databank. Verreweg de meeste software wordt beschermd door auteursrechten of databankrechten. Een beroep op bedrijfsgeheimen kan echter nuttig zijn als aanvulling op -of in plaats van- een beroep op het auteursrecht, octrooirecht en/of databankrecht. Hoewel het bedrijfsgeheim geen IE-recht is, lijkt het er in veel opzichten sterk op. Een octrooi is juridisch lastig, kost veel tijd en geld. Daarnaast is het moeilijk inbreuk aan te tonen. Een octrooi op software is daarom veel minder gebruikelijk en wordt niet in dit artikel besproken.

AUTEURSRECHT
Er is sprake van een auteursrecht als de maker van de software oorspronkelijke keuzes heeft gemaakt. Auteursrechten rusten op broncodes, objectcodes, bijbehorende documentatie, functionele en/of technische beschrijvingen, websites, presentaties, promotiemateriaal, logo’s etc. Degene die de software ontwikkelt is de rechthebbende op het auteursrecht. Dus niet de opdrachtgever die voor de software betaalt, tenzij die schriftelijk heeft afgesproken dat de auteursrechten worden overgedragen. In het geval de software ontwikkeld wordt in een dienstverband, wordt de werkgever als auteursrechthebbende aangemerkt -mits het ontwikkelen van software ook de taak is van de werknemer. Het auteursrecht eindigt 70 jaar na de dood van de maker.

Lees hier de hele publicatie.